Surveillance van resistentie van bacteriën in urine van VPH bewoners (Versatile)

Het voorspellen van een resistentiepatroon.

Doel

De vraag die centraal staat in het VERSATILE project, is of je op basis van het resistentiepatroon van bacteriën die van nature aanwezig zijn in de blaas van kwetsbare ouderen (dus zonder dat er sprake is van een UWI), het resistentiepatroon kunt voorspellen van bacteriën die een UWI veroorzaken.

De meeste antibiotica die in verpleeghuizen worden voorgeschreven zijn voor de behandeling van urineweginfecties. Bij het voorschrijven wordt meestal ‘blind’ gekozen voor een type antibiotica. Dat wil zeggen dat de arts niet weet door welke bacterie de urineweginfectie wordt veroorzaakt, en of die bacterie goed zal reageren op het antibioticum. Oftewel: de arts weet niet of de bacterie ‘gevoelig’ is voor het middel. In verpleeghuizen is afgesproken welke typen antibiotica er worden gegeven als 1e keuze, 2e keuze, enzovoorts. Dit is meestal gebaseerd op informatie over de gevoeligheid van bacteriën uit urinemonsters die voor een kweek zijn opgestuurd naar het laboratorium. Dit geeft echter mogelijk geen goed beeld van de werkelijke gevoeligheid van bacteriën voor verschillende antibiotica, omdat niet altijd urine wordt afgenomen voor een kweek en vaak alleen bij verpleeghuisbewoners met bepaalde kenmerken (zoals bij mannen, of bij mensen met ernstige klachten).

In het VERSATILE project willen we kijken of het mogelijk is om een goed beeld te krijgen van de gevoeligheid van bacteriën, door op één moment urinemonsters af te nemen van een groot aantal bewoners, ongeacht of zij klachten van een urineweginfectie hebben (óók mensen zonder urineweginfectie hebben namelijk vaak bacteriën in hun urine). Als dat zo is, zou dit in de toekomst een manier kunnen zijn om betrouwbare afspraken te maken over welke typen antibiotica het beste ‘blind’ voorgeschreven kunnen worden bij een urineweginfectie.

Aanpak

In het VERSATILE project wordt gebruik gemaakt van data uit de YELLOW RoUTIne studie. Dit is een cohort studie, uitgevoerd door Amsterdam UMC i.s.m. het RIVM en CBSL Tergooi MC, waarin elke 3 maanden urinemonsters van verpleeghuisbewoners worden verzameld gedurende een follow-up periode van 18 maanden. Ook als deelnemers in deze periode een UWI ontwikkelen, wordt een urinemonster verzameld.

Door het resistentiepatroon van de bacteriën aangetroffen in de ‘ASB-samples’ te vergelijken met dat van de bacteriën in de ‘UWI samples’, wordt onderzocht of deze manier van surveillance in de toekomst kan ondersteunen in het bepalen van het antibioticabeleid in verpleeghuizen. Daarbij ligt de focus op twee soorten bacteriën: de Escherichia coli (E. coli) en de Klebsiella. 

Status eind 2025

Vanaf 2025 wordt van een groot aantal bacteriën die zijn gevonden in de urine van verpleeghuisbewoners (die deelnamen aan een eerdere studie) bekeken wat de gevoeligheid voor verschillende antibiotica is.

In 2026 zullen de uitkomsten hiervan beschikbaar komen en wordt duidelijk of de hierboven beschreven methode geschikt is om afspraken te maken over welke typen antibiotica het beste ‘blind’ voorgeschreven kunnen worden bij een urineweginfectie.

Scroll naar boven